Is de koning een keer bereid zelf op te draaien voor de kosten, is het weer niet goed. Kamerleden van SP, D66 en PvdA zijn boos op minister-president Mark Rutte omdat hij niet wil vertellen hoeveel de restauratie van de Gouden Koets gaat kosten. De koning betaalt dat van de 'uitkering' die hij van de staat krijgt en hoeft daarover verder geen verantwoording af te leggen, zo meldde Rutte deze week aan de Tweede Kamer.
De Kamerleden nemen geen genoegen met dat ontwijkende antwoord. D66-voorman Alexander Pechtold had in december een serie vragen gesteld over de Gouden Koets. Hij wilde weten wat er nu precies mee ging gebeuren, hoe lang de restauratie ging duren (kon het niet sneller?) en uiteraard wat het ging kosten.
Rutte kwam met een formalistisch antwoord: 'De kosten van het groot onderhoud en de restauratie van de Gouden Koets zijn voor rekening van de Dienst Koninklijk Huis (DKH) en worden bekostigd uit artikel 2 van Begroting I De Koning (hierna: Begroting I). Zij leiden niet tot een extra beslag op de belastingmiddelen, want ze worden gedekt uit het totaal van het begrote bedrag op artikel 2 van Begroting I.'
In de Grondwet is bepaald, zo voegde hij eraan toe, dat de Koning zelf mag bepalen hoe hij zijn uitkering besteedt, en dus kon Rutte er verder geen mededelingen over doen. Ook op de vragen over de restauratie bleef de premier vaag:
'De restauratie van de Gouden Koets zal meerdere jaren duren. De restauratie betreft een tijdrovend en specialistisch werk, waarbij de verschillende specialisten niet gelijktijdig aan het rijtuig kunnen werken. De ervaringen en inzichten opgedaan bij de restauratie van de Glazen Koets worden benut bij de restauratiewerkzaamheden aan de Gouden Koets.'
Gedetailleerde informatie was in strijd met de Grondwet.
De koets is ondergebracht in de 'Stichting Kroongoederen van het Huis Oranje-Nassau (opgericht 1968)' De stichting heeft als doel te bevorderen dat 'afstammelingen van H.M. Koningin Wilhelmina bij de uitoefening van de Koninklijke waardigheid de beschikking hebben over de daartoe nodige of gewenste roerende lichamelijke zaken. Bij liquidatie van de stichting gaan de zaken over naar de afstammelingen die volgens de wet haar erfgenamen zijn. Bestuurder van de stichting is de Drager van de Kroon.' Willem-Alexander dus.
Formeel heeft de premier misschien gelijk. De koning betaalt de restauratie uit eigen middelen, al worden die door de Staat (= belastingbetaler) opgebracht. Maar of hij met dat geld, binnen redelijke grenzen, nu een miljoen wc-zeepjes koopt of de Glazen en Gouden koetsen laat opknappen, in principe gaan 'we' daar niet over. Rutte wil ook voorkomen dat de Kamer straks gaat vragen hoeveel belminuten koningin Máxima besteedt aan telefoontjes naar Argentinië, en of wc-papier niet beter bij Lidl dan bij AH kan worden gekocht.
Aan de andere kant is het helemaal niet zo gek dat de Kamerleden enig inzicht willen in de uitgaven die de Koning ten behoeve van zijn functie doet. Zij stellen jaarlijks een paar miljoen beschikbaar, en om te beoordelen of dat bedrag eigenlijk wel juist is, kan extra kennis geen kwaad. In België bekeek de Rekenkamer vorig jaar de functionele uitgaven van onder andere prins Laurent en bij die controle bleek een deel daarvan eigenlijk privé te zijn. Laurent moest dan ook geld terug betalen.
De schoen knelt tussen het grondwettelijke recht van de Koning en de controletaak van het parlement. Het is ook een beetje gek dat de kosten van de restauratie van zo'n nationaal icoon als de Gouden Koets vertrouwelijk zou moeten blijven. Dat kan met de verfbeurt van de slaapkamer van prinses Alexia, maar toch niet met de koets, ongeacht of die nu eigendom is van het Koninklijk Huis of niet.
Met de geheimzinnigdoenerij wordt er weer een financiële kwestie rond het koningshuis 'geboren'.
© RB Hans Jacobs, Foto's: © MPE Patrick van Katwijk