Het luchthavengebouw van het vliegveld van Sint Maarten is donderdag officieel heropend door prinses Beatrix. Die opende het gebouw al een keer in november 2006, maar orkaan Irma verwoeste het in 2017 en reconstructie was nodig. En die duurde ook even.
Zonder vliegveld zijn de Caribische eilanden niets. Het is hun "life line", in tal van opzichten waarvan toerisme zeker niet de laatste is. Vandaar dat op Sint Maarten al jaren reikhalzend naar deze dag is uitgekeken.
Princess Juliana International Airport – door prinses Juliana in oorlogsjaar 1944 ingewijd – is ook voor omringende eilanden de toegangspoort tot de rest van de Cariben, en de wereld.
De heropening was voor de prinses ook een soort tijdreis. In 2006 immers had ze het nieuwe gebouw al geopend – en ja, deze verslaggever was er toen ook bij.
Het uitstapje naar het vliegveld – de prinses komt er vrijdag weer voor een retourtje naar Saba – was toegevoegd aan het programma van Beatrix' werkbezoek dat vooral in het teken staat van het werk van Dutch Caribbean Nature Alliance (DCNA) .
Dat was op deze tweede dag van haar visite ook het geval. In de ochtend maakte ze een korte wandeling over het onlangs afgeronde vlonderpad bij de Salt Pond, waar ze vogels spotte.
Vervolgens was er vanaf het kustwacht station een boottocht langs Mullet Bay, het enige zogenoemde Ramsar natuurgebied op het eiland.
Daarna voer de prinses langs Little Key – een klein eiland midden in Simson Bay – waar mangroves worden geplant.
© RB Hans Jacobs